Rudi Garcia moet één knoop doorhakken: dit werkt niet

© photonews

Voetbal is soms ook durven toegeven dat iets niet werkt. Charles De Ketelaere heeft zich de voorbije weken volledig weggecijferd voor de ploeg. Hij liep kilometers, zette druk, hield ballen bij en liet ploegmaats beter spelen. Niemand kan hem een gebrek aan inzet verwijten. 

Maar één conclusie dringt zich na vier WK-wedstrijden op: Charles De Ketelaere is geen diepe spits. En dat is vooral niet zijn schuld. 

De Ketelaere is een verfijnde voetballer, geen beuker in de zestien

De aanvaller van Atalanta is een speler die tussen de lijnen leeft. Hij wil de bal voelen, combinaties opzetten, ruimte creëren voor anderen. Als je hem voortdurend met zijn rug naar doel tegen twee boomlange centrale verdedigers zet, haal je net zijn grootste kwaliteiten uit zijn spel.

Tegen Senegal werd dat opnieuw pijnlijk duidelijk. België had lange tijd niemand die de diepte kon aanvallen of de verdediging écht achteruit dwong. De Ketelaere werkte zich te pletter, maar woog nauwelijks op de laatste lijn van de Afrikanen. Dat zag je ook aan het wedstrijdbeeld: pas toen Romelu Lukaku op het veld kwam, veranderde de hele dynamiek.

Lukaku op z'n best als supersub

Alleen hoeft de oplossing daarom niet te zijn dat Lukaku opnieuw negentig minuten moet starten. Alles wat we op dit WK gezien hebben, bewijst net het tegenovergestelde.

Lukaku speelde amper voetbal dit seizoen door blessureleed. Hij gaf zelf toe dat hij nog niet volledig topfit is en dat hij vooral zijn minuten zorgvuldig moet opbouwen. Tegen Egypte viel hij uitstekend in. Tegen Nieuw-Zeeland scoorde hij opnieuw na een invalbeurt. Tegen Senegal zette hij de comeback in gang. Toen hij wél vanaf de aftrap begon tegen Iran, kon hij nauwelijks het verschil maken.

{READALSO}

Waarom niet met Fernandez-Pardo?

Dat is geen toeval. Een frisse Lukaku tegen vermoeide verdedigers is momenteel misschien wel het gevaarlijkste wapen dat België bezit. Daarom willen we toch één naam opwerpen: Matias Fernandez-Pardo.

De 21-jarige aanvaller van Lille werd vlak voor het WK nog overtuigd om definitief voor België te kiezen. Niet toevallig, want Rudi Garcia zag in hem een extra optie voorin, zeker omdat Lukaku en ook de andere spitsen met vraagtekens richting het toernooi trokken.

Toch blijft zijn speeltijd opvallend beperkt. Waarom eigenlijk? Fernandez-Pardo heeft iets wat België momenteel mist: snelheid, diepgang en de drang om constant achter een verdediging te kruipen. Het is geen klassieke targetman, maar wel iemand die verdedigers voortdurend dwingt om achteruit te lopen. Dat creëert automatisch meer ruimte voor spelers als Trossard, Doku en De Bruyne.

Laat hem zestig of zeventig minuten jagen, sleuren en verdedigers moe maken. En breng daarna Lukaku. De impact van Big Rom als supersub is op dit WK simpelweg te groot geworden om te negeren. Drie invalbeurten, drie bepalende momenten. 

Meer nieuws