Anderlecht is absoluut niet klaar, maar... Vitor Bruno heeft oplossingen (en dat is waarom hij gehaald werd)
Foto: © photonews
Vanavond begint Anderlecht aan zijn Europese campagne met de heenwedstrijd van de tweede voorronde van de Europa League tegen Hammarby. Toch is het gevoel binnen de club dat paars-wit nog lang niet klaar is voor het seizoen.
De transfermarkt draait nog op volle toeren en de kern die Vitor Bruno momenteel ter beschikking heeft, is nog niet de ploeg waarmee Anderlecht eind augustus in de competitie wil staan.
Dat beseft ook sportief directeur Antoine Sibierski. Sinds zijn aanstelling werkte de Fransman achter de schermen aan meerdere dossiers, maar voorlopig bleef de grote doorbraak uit. Sibierski had gehoopt om de selectie tegen de eerste Europese opdracht al grotendeels op punt te hebben, maar de zoektocht naar de juiste profielen blijkt minder eenvoudig dan verwacht.
Flankspelers vinden moeilijker dan gedacht
Vooral op de flanken knelt het schoentje. Anderlecht wil er nog minstens één, en bij voorkeur twee spelers bijhalen die over snelheid, diepgang en individuele actie beschikken. Verschillende pistes passeerden de revue, maar ofwel bleken de transfers financieel onhaalbaar, ofwel kozen de spelers uiteindelijk voor een andere bestemming.
Dat zorgt ervoor dat Vitor Bruno voorlopig creatief moet omspringen met zijn selectie. De Portugese trainer beschikt wel over Tristan Degreef, Adriano Bertaccini en Mihajlo Cvetkovic, maar ziet geen van hen als een klassieke winger.
Degreef beschikt over veel voetballend vermogen, maar mist volgens de technische staf de pure explosiviteit om voortdurend het verschil te maken op de flank. Bertaccini wordt dan weer vooral gezien als een speler die centraal het meeste rendement kan halen. En ook Cvetkovic wil Bruno liefst zo dicht mogelijk bij doel gebruiken. De Serviër werd gehaald om doelpunten te maken en wordt intern beschouwd als de pure afwerker die Anderlecht nodig heeft.
Onia-Seke en Nga Kana klaar volgens Bruno
Daardoor is de kans bijzonder groot dat tegen Hammarby twee jeugdproducten een prominente rol krijgen. Zowel Jayden Onia-Seke als Joshua Nga Kana, allebei amper 17 jaar oud, lijken klaar om minuten te maken op het Europese toneel.
Dat is geen toeval. Vitor Bruno bouwde tijdens zijn jaren in Portugal een reputatie op als coach die niet bang is om jonge spelers kansen te geven. De Portugese competitie staat bekend als een ontwikkelingscompetitie en Bruno werkte jarenlang in een omgeving waar talentontwikkeling centraal stond. Net daarom viel zijn profiel zo in de smaak bij de clubleiding.
Binnen Anderlecht leeft bovendien de ambitie om Neerpede opnieuw nadrukkelijker op de voorgrond te plaatsen. De eigen jeugdopleiding moet opnieuw de motor van de club worden, iets wat de voorbije jaren minder zichtbaar was. Bruno deelt die visie volledig en heeft tijdens de voorbereiding al meermaals laten blijken dat leeftijd voor hem geen criterium is. Wie goed genoeg is, speelt.
Als Portugees kent Bruno zijn rol als opleidingscoach goed
De coach gelooft dat zowel Onia-Seke als Nga Kana klaar zijn om een rol van betekenis te spelen. Hun snelheid en diepgang passen perfect binnen het voetbal dat hij wil brengen en zouden vanavond tegen Hammarby weleens een belangrijk wapen kunnen worden.
Toch blijft de boodschap intern duidelijk: deze selectie is nog niet af. Sibierski blijft zoeken naar extra kwaliteit op de flanken en wil de kern de komende weken verder versterken. De Europese campagne begint dus met een ploeg die nog volop in opbouw is, maar tegelijk ook met een trainer die niet aarzelt om zijn vertrouwen te schenken aan de volgende generatie uit Neerpede.
Schrijf je nu in voor de Voetbalkrant nieuwsbrief
