Opinie Club Brugge mag voor het nieuwe stadion beginnen denken aan een Hans Vanaken-standbeeld
Foto: © photonews
Wat moet er nog gezegd worden over Hans Vanaken? Misschien dit: dat we stilaan moeten stoppen met hem te beoordelen als "een van de besten van zijn generatie" en hem beginnen te plaatsen waar hij thuishoort. Tussen de absolute iconen van Club Brugge én van het Belgische voetbal.
Want wat Vanaken de voorbije tien jaar heeft neergezet, is geen optelsom van goede seizoenen. Het is een tijdperk. Een constante lijn van dominantie, van bepalend zijn, van aanwezig zijn wanneer het moet. Hij staat op het punt - samen met Brandon Mechele - zijn zevende landstitel te veroveren. Zeven. Dat cijfer alleen al zegt genoeg. Daarmee overstijgt hij ook grootheden als Jan Ceulemans, Raoul Lambert, Gert Verheyen en Franky Van der Elst.
Maar zelfs dat doet hem nog tekort.
Kijk naar de rauwe cijfers en je krijgt pas echt perspectief. In 562 wedstrijden voor Club Brugge was Vanaken goed voor 151 doelpunten en 115 assists. Dat zijn aantallen die je verwacht van een absolute topspits, niet van een middenvelder die ook nog eens het spel moet verdelen. En alsof dat nog niet volstaat, verzamelde hij ook nog eens 47.841 minuten speeltijd. Dat is geen constante meer, dat is onverwoestbaarheid.
Vanaken staat op als het moet
En dan zijn er de play-offs. Het moment waarop prijzen worden verdeeld, waarop druk allesbepalend wordt. Daar scheidt het kaf zich van het koren. En ook daar steekt Vanaken er met kop en schouders bovenuit. Met 47 goals en assists in 94 wedstrijden laat hij iedereen achter zich. Jelle Vossen (29 in 62), Mbaye Leye (27 in 48), zelfs Christos Tzolis met zijn indrukwekkende 26 in 18: ze komen in de buurt, maar raken niet aan die combinatie van volume én duurzaamheid.
Maar wie Vanaken reduceert tot cijfers, mist de essentie.
Lees ook... Leko weet waarom Club nog geen kampioen is, Vanaken waarschuwt voor valkuil van Union›
Want zijn grootste kwaliteit laat zich niet vatten in statistieken. Het is zijn instinct. Zijn vermogen om een wedstrijd te lezen, te voelen, te sturen. Hij doet wat nodig is, niet wat verwacht wordt. Zakt hij uit om het spel op te bouwen? Dan doet hij dat. Moet hij infiltreren en scoren? Dan doet hij dat. Moet hij zich wegcijferen voor een ander? Dan doet hij dat ook.
Dat maakt hem uniek.
En misschien ook onderschat. Want hoe verklaar je anders dat hij onder Roberto Martínez nooit een onbetwiste basisspeler was bij de Rode Duivels? Terwijl hij vandaag onder Rudi Garcia bewijst dat hij perfect kan functioneren naast Kevin De Bruyne. Niet door zich op te dringen, maar door zich aan te passen. Door opnieuw dat instinct te volgen: doen wat het team nodig heeft.
En dat brengt ons bij een andere, zeldzame kwaliteit: loyaliteit.
In een tijd waarin carrières bestaan uit tussenstappen, koos Vanaken voor verankering. Hij had de kans om naar het buitenland te trekken, om te proeven van de Premier League of een andere topcompetitie. Maar hij bleef. Niet omdat hij niet beter kon, maar omdat hij wist waar hij het verschil kon maken. Waar hij geschiedenis kon schrijven.
En dat heeft hij gedaan.
Als Club Brugge ooit dat nieuwe stadion bouwt waar al zo lang over gesproken wordt, en ze beslissen – zoals bij Manchester City – om hun legendes te eren met standbeelden, dan mag er geen discussie zijn. Dan moet er één naam bovenaan staan.
Niet alleen omdat hij de cijfers heeft. Niet alleen omdat hij de prijzen heeft. Maar omdat hij het gezicht is van de meest succesvolle periode uit de clubgeschiedenis. Omdat hij er altijd stond. Omdat hij nooit verdween. Omdat hij Club Brugge mee heeft gemaakt tot wat het vandaag is.
Wanneer men over tien, twintig of dertig jaar terugkijkt, zal men niet alleen spreken over titels of wedstrijden. Men zal spreken over een speler die een tijdperk definieerde.
En dat is misschien wel het hoogste wat je kan bereiken in het voetbal.
Schrijf je nu in voor de Voetbalkrant nieuwsbrief
