Dit Anderlecht is anders: waarom de eerste transfers veelzeggend zijn
Foto: © photonews
Bij Anderlecht is deze zomer iets veranderd dat misschien nog belangrijker is dan de namen die de club binnenhaalde. Voor het eerst in jaren lijkt de sportieve leiding echt op dezelfde lijn te zitten. Sportief directeur Antoine Sibierski en coach Vitor Bruno werken niet naast elkaar, maar mét elkaar
Vier transfers, vier duidelijke ideeën
De eerste vier aanwinsten vertellen eigenlijk al een groot deel van het verhaal. Léo Pétrot, Guilian Biancone en Lukas Ambros hebben zich bijzonder snel in de basis gespeeld of staan daar nadrukkelijk voor de deur. Oliver Antman lijkt slechts een kwestie van tijd verwijderd van hetzelfde statuut.
Dat is opvallend wanneer je kijkt naar wat Anderlecht de voorbije transferperiodes binnenhaalde. Toen was het niet altijd duidelijk welk probleem met een bepaalde transfer opgelost moest worden. Deze zomer lijkt daar veel meer over nagedacht.
Pétrot en Biancone moeten in de eerste plaats defensieve stabiliteit brengen. Anderlecht had daar nood aan. De ploeg verloor vorig seizoen te vaak de controle en gaf achterin te gemakkelijk weg. Met Pétrot kwam er een verdediger die duidelijkheid en ervaring brengt, terwijl Biancone met zijn polyvalentie en fysieke kwaliteiten extra mogelijkheden biedt.
Ambros is dan weer een ander type transfer. De Tsjech moet niet alleen gaten dichten, maar vooral iets toevoegen aan het voetbal van Anderlecht. Hij is balvast, technisch sterk en kan tussen de lijnen voetballen. Precies dat ontbrak de Brusselaars de voorbije maanden regelmatig: iemand die onder druk de bal kan bijhouden en het spel naar voren kan brengen.
En dan is er nog Antman. De Fin moet voor snelheid, diepgang en creativiteit zorgen. Dat hij voorlopig nog niet onomstotelijk tot de basis behoort, zegt weinig over zijn kwaliteiten. Als hij zich volledig heeft aangepast, lijkt het logisch dat ook hij een vaste waarde wordt.
Een opvallend verschil met het verleden
Misschien is dat wel het grootste verschil met de voorbije jaren. Anderlecht haalde toen geregeld spelers binnen die op papier interessant waren, maar waarbij het achteraf niet altijd duidelijk was hoe ze in het grotere geheel pasten.
Er waren transfers van de coach, transfers van de sportieve leiding en soms opportuniteiten die simpelweg te mooi waren om te laten liggen. Een duidelijke rode draad ontbrak geregeld. Daardoor werd de selectie eerder een verzameling van individuele kwaliteiten dan een ploeg die bewust rond bepaalde principes was samengesteld. Dat lijkt nu anders.
Sibierski en Bruno kijken dezelfde kant op
Sibierski werd net binnengehaald om daar verandering in te brengen. Zijn opdracht bestaat niet alleen uit het aantrekken van spelers, maar vooral uit het bouwen van een ploeg. Daarvoor moet hij voortdurend afstemmen met Vitor Bruno.
De twee overleggen dagelijks en belangrijk daarbij is dat Bruno volledig de keuze van Sibierski was. De sportief directeur en trainer zijn dus vanaf het begin aan elkaar gekoppeld. Dat zorgt voor een duidelijkere structuur: de trainer weet welke spelers de sportieve leiding zoekt en Sibierski weet welk voetbal Bruno met zijn ploeg wil spelen. Dat klinkt vanzelfsprekend, maar dat was het bij Anderlecht de voorbije jaren lang niet altijd.
Nog één puzzelstuk ontbreekt
De clubleiding is bovendien nog niet klaar. CEO Kenneth Bornauw kondigde zondag aan dat er nog offensieve versterking aankomt. Ook dat lijkt geen verrassing.
De defensie kreeg meer stabiliteit, op het middenveld kwam er voetballend vermogen bij en met Antman wordt de aanval van snelheid en creativiteit voorzien. Nu moet er voorin nog een extra kwaliteitsinjectie komen.
Als Anderlecht daarin opnieuw gericht te werk gaat, kan de transferzomer een duidelijke blauwdruk worden van wat Sibierski en Bruno voor ogen hebben.
Niet de namen, maar het geheel is het belangrijkste
Het is uiteraard nog veel te vroeg om te besluiten dat elke transfer een schot in de roos is. Nieuwe spelers moeten zich aanpassen en uiteindelijk worden transfers pas op het veld beoordeeld.
Maar de eerste signalen zijn veelbelovend. De nieuwkomers lijken niet zomaar verzameld te zijn, maar gekozen om concrete problemen binnen de ploeg op te lossen.
En misschien is dat uiteindelijk de belangrijkste verandering bij Anderlecht. De club lijkt deze zomer niet simpelweg een selectie bijeen te kopen, maar opnieuw een ploeg te bouwen.
Sibierski en Bruno lijken daarbij voor het eerst in lange tijd dezelfde taal te spreken. Als die samenwerking standhoudt, zou dat wel eens de belangrijkste transfer van allemaal kunnen zijn.
Schrijf je nu in voor de Voetbalkrant nieuwsbrief
